Kop
genade
Maak uw keuze:

Genade als fundament

Romeinen 5:1-2 (NBV):
1 Wij zijn dus als rechtvaardigen aangenomen op grond van ons geloof
en leven in vrede met God, door onze Heer Jezus Christus.
2 Dankzij Hem hebben we door het geloof toegang gekregen tot Gods genade,
die ons fundament is, en in de hoop
te mogen delen in Zijn luister prijzen we ons gelukkig.

1 Petrus 5:12 (NBV):
Met de hulp van Silvanus, die ik als een betrouwbare broeder beschouw,
heb ik u deze korte brief geschreven, om u moed in te spreken
en om u er nadrukkelijk van te verzekeren
dat het werkelijk de genade van God is die u staande houdt.


genade_fundament (13K) Genade als fundament

Inhoud:

De gebruikte Bijbelteksten op deze pagina kunt u zichtbaar maken, door er met de muis overheen te gaan. Voor deze teksten is gebruik gemaakt van de Nieuwe Bijbel Vertaling (NBV).

Genade is het fundament van het geloof

Paulus schrijft in Romeinen 5:2 (zie bovenaan) dat de genade ons fundament is. Een fundament is de plaats, waarop een stevig bouwwerk gezet kan worden. Zonder fundament kan geen enkel bouwwerk blijven staan, dan stort na verloop van tijd het gehele bouwwerk in elkaar. Zonder de genade kan het christendom niet bestaan, en stort het gehele bouwwerk van het christendom in elkaar. De genade houdt ons staande (zie tekst hierbovenaan, 1 Petrus 5:12.) Wij staan op het fundament van de genade. Zonder dit fundament vallen we om, en zijn we met een vals evangelie bezig! Een vals evangelie is echter geen evangelie!

Genade kunnen we niet verdienen

Alles is gebaseerd op de genade. Zelf kunnen we er niets aan toedoen of aan bijdragen (2 Tim 1:9). Het is de Here Jezus Christus, die geleden heeft aan het kruis, en daaraan gestorven is, om genade voor ons te verkrijgen. Als we genade zouden kunnen verdienen, door ons bijvoorbeeld strict aan de Wet van God voor de Joden te houden, dan zou het geen genade meer zijn, maar loon naar werken. (Rom 11:6). Dankzij Hem en alleen dankzij Hem, (Romeinen 5:2, zie bovenaan) en niet door wat uzelf of ikzelf doen, is het mogelijk geworden, om deze genade voor ons te laten gelden.

Genade is een geschenk

We krijgen het gratis, en voor niets (Rom 3:24). God schenkt het ons (Ef 2:8). Wij krijgen die genade zonder dat we er iets voor terug kunnen doen. We moeten het alleen willen aannemen.

Vertrouwen hebben in Jezus Christus

Als we het aannemen, dan moeten we er dus op vertrouwen, dat Jezus Christus voor die genade zorgdraagt. Met andere woorden, we moeten geloven in Hem (Ef 2:8). Zonder geloof is het onmogelijk (Joh 8:24), om die genade aan te nemen.

Christus is het fundament van genade

Jezus Christus is dus het fundament, waarop de genade gebouwd is, zodat Hij ook tevens het fundament van Zijn Gemeente is (1 Kor 3:11). Hij werd door God voor de wereld gegeven (Ef 1:6). Hij heeft hiervoor door Zijn lijden en sterven aan het kruis de kostbare prijs (1 Pet 1:18-19) voor deze genade betaald. Er moest een zeer hoge prijs, het leven van Gods Zoon, voor deze genade betaald worden om de mensen te redden. Een lagere prijs was niet mogelijk. We konden slechts ternauwernood gered worden (1 Pet 4:18). Met deze hoge prijs heeft Hij ons vrijgekocht (1 Kor 7:23) uit de slavernij. Zonder deze hoge prijs zouden we nog slaven van de zonde (Rom 6:20) zijn geweest.

Evangelie kan alleen genade-evangelie zijn

Dit is het evangelie van Gods genade (Hand 20:24), en een ander evangelie bestaat er niet (Gal 1:8). Het is zelfs een vloek om een ander evangelie te brengen. Alleen het genade-evangelie van Jezus Christus is het echte evangelie dat de goede boodschap bevat. (De letterlijke betekenis van evangelie [in het oorspronkelijke Grieks "ev-aggelion" is "goede [ev boodschap [aggelion".) Al de andere zogenaamde evangeliŽn, waar het niet om de genade gaat, zijn valse boodschappen (Gal 1:7).

Vals evangelie

In veel kerken (vooral in de charismatische beweging) wordt niet of nauwelijks meer over de genade gesproken. De boodschap die dan gebracht wordt, is dat je hier op aarde veel voorspoed krijgt en rijk wordt als je Christen wordt. Er wordt zelfs beweerd dat God goud geeft. Dit is een voorbeeld, van een vals evangelie, waarin het niet meer gaat om de genade, en waar miljoenen mensen in de wereld achteraan lopen. De Bijbel leert ons, dat we ons geen aardse schatten moeten verzamelen (Mat 6:19-20). We zouden ons immers aan deze schatten gaan hechten en God vergeten (Mat 6:21). De Bijbel leert ons, dat een rijke heel moeilijk in om het koninkrijk van God binnen te gaan (Luc 18:25). De Bijbel leert ons dat geldzucht de wortel van alle kwaad is (1 Tim 6:10). Als het evangelie een evangelie van voorspoed en rijkdom zou zijn, dan zou God ingaan tegen Zijn eigen Woord.

Ware genade-evangelie brengt vervolging

De Bijbel leert ons echter dat bij het evangelie een kruis hoort. Dat is het ware evangelie. Jezus kocht de genade aan het kruis (Gal 3:13). Tegen Zijn discipelen en de menigte rondom Hem zegt Hij dat ze een kruis op zich moeten nemen om Hem te volgen (Mat 16:24), Marc 8:34. Zijn apostelen van het eerste uur hebben allen in grote soberheid geleefd. Van Petrus staat vermeld, dat Hij geen geld had (Hand 3:6). en velen der eerste gelovigen hebben erbarmelijk moeten lijden vanwege hun geloof (2 Kor 11:23-28, 2 Kor 6:4-5, Hand 9:16, Hand 12:3, Hand 14:19, Hand 16:22-24) en zijn op een wrede manier (Marc 6:27, Hand 7:59-60, Hand 12:2) aan hun einde gekomen. Op aarde hebben ze geen voorspoed of rijkdom gekend, maar hun hemelse bankrekening (Fil 4:17) vertoont een groot tegoed! Iedere ware christen moet vervolging op zijn pad verwachten (2 Tim 3:12). Degenen die het pad van de genade-prediking verlaten hebben en een vals evangelie van welzijn brengen, laten zich vaak goed door hun volgelingen onderhouden door hen ertoe te vermanen, de collectezak goed te vullen. "Hoe meer je erin stopt, des temeer de Heer je op aarde zal geven", zo prediken zij. Het lijden, dat bij de genade-prediking over het ware evangelie hoort, daar houden ze niet van. Paulus zegt, dat de christenen moeten blijven bij wat Hij predikt.

Rechtvaardiging door geloof

Het evangelie van Jezus Christus is een evangelie van genade, helemaal gratis, omdat God zoveel van ons houdt (Joh 3:16). Vanwege onze zonden zouden we veroordeeld moeten worden door God. Deze veroordeling zou rechtvaardig zijn, want God is een rechtvaardige rechter (Psalm 7:12). Hij laat echter vanwege Zijn grenzeloze liefde (Ef 3:18-19) genade voor recht gelden. Uit genade beschouwt God ons als rechtvaardig, op grond van ons geloof, waardoor we in vrede met God kunnen leven. Zonder geloof worden we dus niet als rechtvaardig beschouwd, waardoor we niet in vrede met God kunnen leven. In dat geval zal God als de rechtvaardige rechter over ons recht moeten spreken. Deze rechtspraak leidt dan altijd tot veroordeling, vanwege onze zondige staat (2 Pet 2:9). Dit oordeel lijdt dan onherroepelijk tot wat de Bijbel de tweede dood noemt (Rom 6:23, Openb 20:14, Openb 21:8). De Bijbel leert ons, dat zelfs een leugen al genoeg is voor deze tweede dood (Openb 21:8). Ik kan me niet voorstellen, dat er mensen zijn, die nog nooit gelogen hebben. Iedereen heeft die tweede dood verdiend, ook u en ik. Slechts door de genade-rechtvaardiging kunnen we dit oordeel ontlopen en eeuwig leven ontvangen (Rom 6:23). God kan met zonde niet leven. Het licht van God en de duisternis der zonde verdragen elkaar niet (2 Kor 6:14). God is licht, in Hem is geen duisternis (1 Joh 1:5). De zonde en het rijk van satan wordt door God duisternis genoemd (Joh 2:9-11). Dankzij onze rechtvaardiging, die we verkregen door te geloven in Jezus Christus zijn wij van de duisternis in het licht gegaan (1 Pet 2:9).

Vrede met God

Zoals reeds gezegd, door onze rechtvaardiging krijgen we vrede met God. Dit alles kan echter alleen door het werk van de Here Jezus, die alles volbracht heeft. Door Christus zijn wij met God verzoend (2 Kor 5:18-19). Indien we gerechtvaardigd zijn ontvangen we Zijn vrede, (Joh. 14:27) want Jezus is de Vredevorst (Jes 9:5), en is de weg vrij tot God (Joh 14:6).

De hoop van de christen

Dit genade-evangelie is onze hoop te weten, dat we hier op aarde slechts logeren en dat we op doorreis zijn naar een beter land, waar we eens God zullen zien (Ef 2:19, Psalm 17:15). Dat is ons toekomstige vaderland (Fil 3:20). Die hoop, is de zekerheid, de vaste overtuiging van de christen (Heb 11:1). Hij zal niet worden beschaamd (Rom 5:5). In die hoop verblijdt de christen zich (Rom 12:12). Met vreugde mogen zij uitzien naar de geweldige toekomst, die voor hen is weggelegd (Tit 2:13, 1 Pet 1:4-5). We zullen mogen delen in Zijn luister (2 Tes 2:14, Kol 3:4).

Maranatha! Jezus komt spoedig!

(Peter Ju)