Kop
De Dag door Uwe Gunst Ontvangen
(Johan de Heer 400, Wie zingt mee? - lied 150,
Gezang 281 - berijming 1938, Gezang 393 - Liedboek voor de Kerken)
 
Tekst van dit lied:

Vers 1:
De dag, door Uwe gunst ontvangen,
is weer voorbij, de nacht genaakt;
en dankbaar klinken onze zangen
tot U, die 't licht en 't duister maakt.

Vers 2:
Die dan, als onze beden zwijgen,
als hier het daglicht onderduikt,
weer nieuwe zangen op doet stijgen,
ginds waar de nieuwe dag ontluikt.

Vers 3:
Zodat de dank, U toegezonden,
op aard nooit onderbroken wordt,
maar steeds opnieuw door mensenmonden
gezongen en gesproken wordt.

Vers 4:
Voorwaar, de aarde zal getuigen
van U, die thans en eeuwig zijt,
tot al Uw schepselen zich buigen
voor Uwe liefd' en majesteit.